twee
maanden geleden
blog

Zij zijn er al, nu jij nog

Er is de Nederlandse overheid veel aan gelegen om de integratie van nieuwkomers te bevorderen en polarisatie van bevolkingsgroepen tegen te gaan. Maar meedoen begint met taal en er zijn veel anderstaligen die door hun taalniveau een ernstige achterstand hebben. Taalvrijwilligers door het hele land zetten zich onvermoeibaar in om met deze mensen de taal te oefenen, maar er is wel gemeentelijk beleid nodig om hen financieel te ondersteunen. Dat gebeurt lang niet altijd even consequent en dat is een gemiste kans voor de integratie, vindt Nel Buijs van stichting Het Begint Met Taal. Integreren doe je niet alleen, maar samen.

De Nederlandse overheid vindt het belangrijk dat vreemdelingen meedoen in de samenleving. Bijvoorbeeld door te werken of een opleiding te volgen. De taal beheersen is daarbij een voorwaarde en een van de onderdelen van de verplichte inburgering. Maar het halen van een inburgeringsexamen is als het krijgen van een rijbewijs zonder dat je je regelmatig in het verkeer begeeft: zonder praktijkervaring raak je de kennis weer kwijt.

Dat zien we terug in de cijfers. Er zijn ondanks het inburgeringsexamen momenteel meer dan 600.000 anderstaligen in Nederland die door hun taalniveau niet of onvoldoende mee kunnen doen in de samenleving. En dan is integratie natuurlijk moeilijk te realiseren. Taal is nodig voor het vinden van werk of het aanknopen van een gesprek op het schoolplein, maar ook om je eigen zaken en administratie te kunnen regelen. Meedoen begint met taal, maar om die taal echt machtig te worden, moet je meters maken. Maar hoe doe je dat, als je bijna niemand kent? Hoe ga je het gesprek aan, als je de taal nauwelijks spreekt?

De basisingrediënten voor integratie

Er zijn in Nederland 161 vrijwilligersorganisaties en meer dan 11.000 betrokken vrijwilligers die hierin een positieve bijdrage willen leveren. De taalvrijwilligers spreken wekelijks met anderstaligen af om de taal te oefenen, zodat zij wél mee kunnen doen aan de samenleving.  Dat is belangrijk voor anderstaligen, maar ook voor de hele gemeenschap. Onderzoek laat zien dat taalcoaching bijzonder effectief kan zijn. Het zorgt niet alleen voor een grotere taalvaardigheid en meer zelfvertrouwen, maar ook voor meer participatie en een betere aansluiting op de samenleving. Taalcoachtrajecten stellen anderstaligen in staat om hun eigen zaken regelen en om de weg te vinden in een land dat ze niet kennen. Ook blijkt dat 30 procent na taalcoaching betaald werk vindt en dat 20 procent een cursus of opleiding gaat volgen. Allemaal basisingrediënten voor een succesvolle integratie.

Wil jij met mij in gesprek?

Deze week lanceerde Het Begint Met Taal, de overkoepelende stichting van de Nederlandse taalcoachorganisaties, de campagne ‘Wil jij met mij in gesprek?’. De campagne is gericht op het werven van nieuwe taalcoaches en coördinatoren, maar ook op het creëren van bewustzijn bij lokale overheden, die de initiatieven op het gebied van taalcoaching financieel kunnen steunen. Want ook al werken de taalcoaches gratis, voor effectieve trainingen zijn goed lesmateriaal, geschikte locaties en een duidelijke informatievoorziening nodig. Gemeentes kunnen daar een grote rol bij spelen, maar zijn nog niet altijd overtuigd van het belang van taalcoaching. Een gemiste kans, aangezien integratie vaak wel hoog op de agenda staat.

“Je voelt je doof en blind als je de taal niet spreekt”

Voor de campagne liet Het Begint Met taal een aantal video’s opnemen waarin anderstaligen aan het woord komen en hun persoonlijke verhaal vertellen. Zo zien we Jamal, de kleermaker die vluchtte uit Afghanistan en nu als vrijwilliger werkt in een asielzoekerscentrum. Hij zamelt kleding in voor kinderen en helpt vluchtelingen Afghaans naar het Nederlands te vertalen. Jamal volgde groepstaalcoaching en sindsdien spreekt hij veel beter Nederlands. Toen Jamal laatst op bezoek was in Duitsland en appels wilde bestellen bij de groenteboer, merkte hij meteen weer hoe belangrijk taal is: “Ik spreek geen Duits, en de groenteboer geen Nederlands of Engels. Met handen en voeten moest ik uitleggen wat ik wilde.”

Of Raihanna, die nu tweeënhalf jaar in Nederland woont en houdt van series kijken, winkelen met haar beste vriendin en volleybal. Met haar taalcoach oefent ze Nederlands in de bibliotheek in Utrecht. Ze praten over de betekenis van moeilijke woorden, en oefenen sollicitatiegesprekken: “Hij helpt mij heel goed, ook met de uitspraak. Als je de taal niet kent kan niemand je helpen en kun je niet werken. Ik heb vorige week gesolliciteerd bij een kledingwinkel, ik hoop dat ik de baan krijg! Je voelt je doof en blind als je de taal niet spreekt.”

De video’s laten de mensen achter de taalachterstand zien. Mensen wiens verhaal je anders waarschijnlijk nooit zou horen. Het Begint Met Taal hoopt dat mensen erdoor geïnspireerd raken om zelf ook mensen met een taalachterstand te gaan helpen.

Zij zijn er al, nu jij nog

Naast een stabiele financiering zijn er natuurlijk altijd vrijwilligers nodig. Dat kunnen taalcoaches zijn, maar ook de coördinatoren vervullen een onmisbare rol. Denk bijvoorbeeld aan de intensieve begeleiding van de coaches. De werving, selectie en training van vrijwilligers, of het coördineren van de samenwerking met zusterorganisaties. De coördinator vormt de stille kracht achter de taalcoachtrajecten en dankzij het werk van de coördinatoren konden in 2016 wekelijks 22.000 migranten en 11.000 taalcoaches aan de slag.

“Ik heb vroeger zelf ervaren dat het Nederlands heel belangrijk is om je draai in Nederland te vinden en dat geldt nu nog steeds,” stelt Ahmed Aboutaleb, burgemeester van Rotterdam en ambassadeur van Het Begint Met Taal. “Door de taal kom je veel over een land te weten -ook over de historie- en als je de taal beheerst dan kun je ook de samenleving gaan begrijpen en er beter aan deelnemen.”

“Toen er veel vluchtelingen naar Nederland kwamen wilde ik iets doen,” vertelt een coördinator uit Nunspeet. “Ik besefte dat de taal spreken de belangrijkste stap is naar zelfredzaamheid. Daarom startte ik als vrijwillig coördinator.”

“Onze filosofie is: de ene burger helpt de andere burger op basis van advies en wederkerigheid,” zegt een coördinator uit Wageningen. “We vragen de anderstaligen ook om vrijwilligers onderricht te geven in hun eigen taal en cultuur. Dat vinden ze erg leuk. Een Marokkaanse vrouw vertelde: Het is net of er steeds meer ramen en deuren zijn opengegaan in mijn huis. Ik was eerst blind, nu kan ik weer zien.”

“Ons werk levert alle betrokkenen wat op: anderstaligen leren de taal en de samenleving kennen. Vrijwilligers verbreden hun blikveld en dragen bij aan begrip en samenhang binnen de samenleving,” stelt een vrijwilliger uit Utrecht.

Deze vrijwilligers zijn Nederlanders zoals jij en ik, die allemaal meehelpen aan de integratie van anderstaligen. Nederlanders die snappen dat je soms hulp nodig hebt om te integreren in een vreemd land. Die snappen dat integratie niet iets is wat je alleen kunt doen. Willen we dat anderstaligen mee gaan doen in onze maatschappij en onderdeel worden van onze samenleving, dan is daar meer voor nodig dan alleen een inburgeringsexamen. We moeten ook zelf onze verantwoordelijkheid nemen en ons best doen om nieuwkomers erbij te betrekken. We moeten ze de mogelijkheid geven om aansluiting te vinden. Verbinding en begrip ontstaan tenslotte pas als je met elkaar in gesprek gaat en als je samen integreert. Anderstaligen kunnen pas toenadering vinden als wij onze hand uitsteken. Zij zijn er al. Nu jij nog.

 

De medewerkers van Pride kiezen ieder jaar een goed doel dat zij belangrijk genoeg vinden om te steunen. Dit jaar was dat stichting Het Begint Met Taal. Wij schreven bovenstaand opiniestuk en hielpen met de verspreiding van de persberichten rond de campagne ‘Wil jij met mij in gesprek?’.

refresh this page
share this post
with the world
op de hoogte blijven?

Speak Your Mind

*