drie
jaren geleden
blog

Pokémon GO – nog niet de doorbraak van Augmented Reality

Zoals collega Marloes al in haar blog schreef: om Pokémon GO kunnen we niet meer heen. Toch weet ik niet of we hier werkelijk met de definitieve doorbraak van augmented reality (AR) te maken hebben. Want hoewel AR al langer hardnekkig op de deur klopt, wil het op de een of andere manier nog steeds niet écht aanslaan. Zelfs niet in het geval van Pokémon GO.

Voor elk succesverhaal zijn dan misschien geen tien, maar nog steeds een hoop minder goed uitgewerkte voorbeelden te noemen. Neem bijvoorbeeld de dinoplaatjes van de Albert Heijn: die deden het goed, maar wilden niet zo populair als bijvoorbeeld de Wuppies worden. Niet omdat dinosaurussen niet meer populair zijn – integendeel: het nieuwste deel in de Jurassic Park-serie was op een haar na de meest succesvolle film van 2015 – maar wel omdat het zich nou niet bepaald allemaal vanzelf wees. Doe dan maar een moestuintje, daarbij is tenminste in één keer duidelijk wat je ermee moet.

Iedereen herinnert zich nog wel Google Glass, dé belofte van een paar jaar geleden. De verwachtingen voor dat apparaat waren torenhoog. Het klonk ook als een droom: een wat lompere maar verder verrassend normale bril, die na een hoofdbeweging van de gebruiker alle informatie toonde die de drager normaliter op een smartphonescherm bekeek. Dat was nog eens efficiënt! Maar in de praktijk viel de bètaversie echter nogal tegen. Niet alleen was het ding enorm kwetsbaar, hij bleek ook voor nogal wat problemen te zorgen bij intensief gebruik. Mensen die er geen droegen waren bang om heimelijk gefilmd te worden door dragers, of zelfs aangereden – niemand zal kunnen beweren dat AR-elementen het zicht niet ook enorm kunnen beperken. Het apparaat is naar verluidt nog steeds in ontwikkeling, maar een tijdspad voor een consumentenrelease is er niet.

Meer nostalgie dan game

En nu is er dan Pokémon Go. Hoewel het ontegenzeggelijk een succesverhaal is, trekt volgens mij niet eens zozeer de belofte van AR mensen over de streep. Dat doet eerder de magische en nostalgische aantrekkingskracht die Pokémon als serie (kaart)spellen en tekenfilms meer dan twintig jaar op mensen heeft. Go zelf is namelijk niet meer dan een light-variant van Ingress, een andere game van ontwikkelaar Niantic. Dat spel maakte op een vergelijkbare manier een soort spelbord van onze leefomgeving, met veroverbare punten. Het spel wordt nog altijd fanatiek gespeeld, maar kwam qua populariteit echt bij lange na niet in de buurt van de spelersaantallen van Pokémon GO.

We zouden een goede indicatie van de reden voor de populariteit hebben gehad als Nintendo de nieuwste delen in de reguliere spellenreeks tegelijkertijd met Pokémon GO had uitgebracht. Het zou mij niet verbazen als er bij de release van Pokémon Sun & Moon, eind dit jaar, een behoorlijke dip in het aantal dagelijks actieve spelers van Pokémon GO plaats gaat vinden. Misschien omdat spelers het vele lopen tegen die tijd zat zijn – herfstig weer helpt dan ook niet – maar toch ook vooral omdat in Pokémon GO veel spelelementen ontbreken die Pokémon zo geliefd maken. Stiekem is alleen het vangen van de wezentjes in GO leuk uitgewerkt: de rest, van het trainen van de wezentjes tot het vechten tegen andere spelers, is erg magertjes en voelt nogal plichtmatig.

Spreekt hier een AR-cynicus? Zeker niet. Hooguit iemand die de universele lof voor een niet zo bijzondere smartphonegame niet helemaal begrijpt. Want AR op zich heeft volgens mij zeker bestaansrecht – nu nog een nuttige toepassing die meer biedt dan alleen fanservice.

refresh this page
share this post
with the world
op de hoogte blijven?

Speak Your Mind

*